Oorsprong Taijiquan

Chang San Feng wordt wel beschouwd als de grondlegger van de taijiquan. Er is weinig over Chang bekend, en het is maar de vraag of hij wel echt geleefd heeft. Het is onwaarschijnlijk dat Chang San Feng taijiquan, zoals we dat nu kennen, heeft ontwikkeld, maar hij zou een aantal van de principes bedacht kunnen hebben die uiteindelijk tot de vechtkunst hebben geleid. Mijn eigen theorie is dat Chang San Feng staat voor een periode in de geschiedenis. Het ontstaan van taijiquan is een proces geweest en Chang San Feng zou een aantal personen uit die periode kunnen representeren.

tempel paarse wolk berg Wudang China Chang San Feng grondlegger taijiquan

Tempel van de Paarse Wolk die aan Chang San Feng is gewijd

Berg Wudang
Drie lange treinreizen van Beijing ligt Wudang. Hier liggen de wortels van de taijiquan. Berg Wudang ademt nog steeds de sfeer uit van het oude taoïsme: eeuwig in de mist gehulde bergtoppen, hellingen waar weelderige loofbossen worden afgewisseld door ruige rotspartijen en af en toe een kronkelig watertje. Een perfecte afwisseling van yin en yang.

Hier staat de Tempel van de Paarse Wolk  dat aan Chang San Feng is gewijd.  Pelgrims bezoeken het klooster en branden wierook.

Chang San Feng
Chang San Feng genoot zijn martiale opleiding in het Shaolin klooster. Hij zette zijn studie voort in een tempel op de berg Wudang. Chang was acupuncturist. Dit verschafte hem kennis over de loop van de meridianen en het bestaan van acupunctuurpunten. Chang gebruikte deze kennis niet alleen ter bevordering van de gezondheid. Hij wilde ook weten wat de effecten van een verstoring van de energiebalans waren.

Het verhaal gaat dat Chang cipiers omkocht en gevangenen gebruikte om zijn methodes op een meer ‘wetenschappelijke’ methode te testen. De kennis die we nu hebben van dim mak (death point striking) zou afkomstig zijn van de experimenten van Chang.

Chang San Feng was op een dag getuige van een gevecht tussen een slang en een kraanvogel. De slang pareerde keer op keer door zijn terugtrekkende bewegingen de aanval van de kraanvogel. Uiteindelijk gaf de uitgeputte vogel op. Chang leerde hiervan dat zacht hard kan overwinnen en dat yang (snelle bewegingen, geven, uitademen, aanvallen, kracht) en yin (zachte bewegingen, ontvangen, inademen, terugtrekken, zonder kracht) elkaar aanvullen. Dit inspireerde Chang tot het gebruik van zachte, innerlijke, technieken.

berg wudang china oorsprong taijiquan taiji tai chi

Op berg Wudang in China is de taijiquan ontstaan

Yang Lu Chan
Yang Lu Chan (1799-1873) is de grondlegger van de Yangstijl taijiquan, de meest beoefende stijl ter wereld. De wortels van de Yangstijl taijiquan liggen in de Chenstijl. Yang Lu Chan was de eerste buitenstaander die taijiquan van de familie Chen leerde. In die tijd was dit ongebruikelijk. Taijiquan werd gewoonlijk alleen binnen de eigen familie doorgegeven.

Yang Lu Chan is geboren in Nan Quan village, Guanfu Town, in Yong Nian County. Er bestaan verschillende verhalen over zijn vroege jaren. Hij zou afkomstig zijn uit een arme boerenfamilie en was ongeletterd. Zijn vader merkte bij zijn zoon al snel interesse voor de vechtsport en zorgt voor een leraar. Yang Lu Chan is zijn leraar al snel de baas. Zijn leraar vertelt hem over taijiquan, het geheim van de Chen familie, en hoe het voor buitenstaanders onmogelijk is om deze vorm te leren.

Het verhaal gaat dat Yang als dienstbode bij de familie Chen gaat werken. Maar waarschijnlijk werd hij als kind, tegen kost en inwoning, en misschien een kleine som geld, als een soort lijfeigene uitbesteed aan Chen Changxing.

In het geheim
Yang bespiedt zijn meester als deze taijiquan beoefent, en oefent zelf ’s nachts in het geheim. Uiteindelijk wordt zijn talent opgemerkt. Het aspect van de ‘slavernij’ werd later waarschijnlijk door de familie Yang uit de familiegeschiedenis verwijderd. Zij verkeerden toen in de betere kringen en een grootvader die ongeletterd was en lijfeigene, paste niet in het plaatje.

Het talent van Yang Lu Chan moet bijzonder groot zijn geweest. Het verhaal gaat dat Yang zo flexibel was, dat hij met zijn mond een munt van de grond kon oprapen terwijl hij Slang Kruipt Naar de Grond uitvoert en dat hij de complete vorm onder een tafel kon doen. Yang was zo snel dat zijn tegenstanders zijn aanval niet zagen aankomen. Hij was in staat zijn chi razendsnel in een klein gebied te bundelen en daarmee enorme kracht te ontwikkelen. Een kwaliteit die alleen door zijn zoons en kleinzoons is geëvenaard. Hij schijnt ook de kunst van levitatie te hebben beheerst.

Een andere vaardigheid die Yang beheerste is ‘sticking’ chi, waarbij een tegenstander, eenmaal aangeraakt, niet meer los kan raken. Yang bleef als het ware aan zijn tegenstander geplakt. Het volgende verhaal illustreert deze kunst. Yang ving eens een spreeuw. Hij zette de vogel op zijn hand. De vogel probeerde tevergeefs weg te vliegen. Yang was in staat de energie van de vogel aan te voelen en op het moment dat de vogel zijn poten strekte om zich af te zetten, bewoog Yang zijn hand iets omlaag. De vogel zette zich af in het niets en kon niet opstijgen.

Yang zegt hierover: “Als je voor lange periode op de juiste manier taijiquan beoefend wordt je hele lichaam zo licht en gevoelig dat zelfs het gewicht van een veer je hele lichaam in beweging zet. Dat is alles.”

Waarschijnlijk was Yang enorm hard voor zichzelf en lag de sleutel van zijn succes in een bijna obsessieve training. Het is bekend dat hij voor zijn zonen een zeer harde meester was en beweerde dat je het bitter moest proeven om een goede krijgskunstenaar te worden.

Keizerlijke familie
De roem van Yang Lu Chan bereikt ook de keizerlijke familie. Yang wordt naar het hof ontboden om er taijiquan te onderwijzen. De keizerlijke familie wordt echter als indringer en onderdrukker beschouwd, aan wie Yang zijn geheimen niet wil prijs geven. Yang ontwikkelt daarom een nieuwe stijl. Hij onderwijst de keizerlijke familie alleen de zachte aspecten van taijiquan. Hij leert hen om zacht te zijn als katoen, maar de toepassingen en het gebruik van innerlijke kracht laat hij weg. Er zijn dus twee stijlen ontwikkeld door Yang Lu Chan, een stijl die in de familie werd gehouden en een die open was voor het publiek.

Vanwege de faam van Yang Lu Chan aan het hof, verspreidde de nieuwe Yangvorm zich al gauw onder de gegoede klasse. De Chinese revolutie van begin 1900 zorgde voor een verdere expansie. Tijdens deze revolutie werden de rijken en intellectuelen over het land verspreid, taijiquan met zich meenemend. Een aantal van hen ging lesgeven, daarbij aangevend dat zij de vorm geleerd hadden van de beroemde familie Yang.

Langzamerhand wordt taijiquan vooral geassocieerd met de zachte vorm, terwijl er nog steeds een groep is die ook de andere, hardere kant, beoefent. Onbedoeld is de ‘verkeerde’ vorm van taijiquan bij het grote publiek bekend geraakt. Aan de andere kant, was de keizerlijke familie niet in taijiquan geïnteresseerd, dan was het nu misschien niet zo bekend geweest.

Een andere verklaring voor de populariteit van taijiquan (en andere traditionele krijgskunsten) kan gezocht worden in een reactie op de vervreemding die men in die tijd ervoer. De intellectuele klasse reageerde tegen de vele aanvallen en beledigingen door vreemde mogendheden. Dagelijks werd aan de lijve ondervonden dat de Westerse technologie (vooral de militaire) sterker was dan de Chinese. Dit leidde tot een zekere vervreemding. Men reageerde hierop door terug te vallen op oude Chinese waarden, zoals de vechtkunst, schilderkunst en kalligrafie.